Preventieve aanpak van leesproblemen in de Hoeksche Waard met het programma Bouw!

De scholen van samenwerkingsverband de Hoeksche Waard hebben structureel gekozen voor een preventieve aanpak van leesproblemen als basisvoorziening van Passend Onderwijs. Kinderen die risico lopen op leesachterstanden en leesproblemen, krijgen individueel extra begeleiding met het online interventieprogramma Bouw!.

Deze pagina beschrijft het goede voorbeeld van de preventieve aanpak in de Hoeksche Waard volgens het beschrijvingskader ‘Goede voorbeelden’ van het Stimuleringsprogramma Aanpak Dyslexie.

Klik op onderstaande links om snel naar de verschillende onderdelen te gaan:

Kader waarin het goede voorbeeld tot stand gekomen is: Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Hoeksche Waard (regio 28.04)

Partners zijn:

  • Bestuur van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Hoeksche Waard (regio 28.04)
  • Gemeente Hoeksche Waard (per 1-1-2019 gefuseerd tot een gemeente)
  • Leestalent (dyslexie behandelingsinstituut)
  • Lexima (uitgever van het programma Bouw!)
  • de scholen van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Hoeksche Waard
  • Universiteit van Amsterdam (Research Institute Child Development and Education).

Korte beschrijving van het goede voorbeeld

Op initiatief van het samenwerkingsverband hebben de scholen in de Hoeksche Waard (SWV HW) structureel gekozen voor een preventieve aanpak van leesproblemen als basisvoorziening van Passend Onderwijs. Kinderen die risico lopen op leesachterstanden en leesproblemen, krijgen individueel extra begeleiding met het online interventieprogramma Bouw!. Dat programma voorziet in extra ondersteuning, instructie en oefening in (voorbereidend) lezen, te beginnen halverwege groep 2 en voortgezet in groep 3 tot halverwege/tweede helft groep 4. Het kind leert, de tutor stuurt en de computer wijst de weg. Vrijwilligers, leerlingen uit hogere groepen en (groot)ouders fungeren als niet-professionele tutors en soms staat een onderwijsassistent bij. Het programma bestaat uit 523 online computerlessen voor het aanleren, oefenen, herhalen en toepassen van de leerstof. Deze zijn voorzien van heldere instructies voor de tutor (links op het scherm), zodat er zowel op school als thuis mee gewerkt kan worden. De interne begeleider of leerkracht behoudt de supervisie over de werkwijze en neemt de selectie-, instap-, deel- en eindtoetsen af.

Afbeelding Goede Voorbeelden De Hoeksche Waard

Voor implementatie en uitvoering stellen de scholen een Bouw!-coördinator aan, die wordt ingewerkt en begeleid door het SWV, Leestalent en Lexima in het goed inzetten van het programma zodat het onderdeel wordt van de integrale leesaanpak op school. Wat er op school gebeurt en hoe de taken verdeeld zijn, wordt jaarlijks vastgelegd in het Beleidsplan Bouw SWV Hoeksche Waard.

Aanleiding, visie, middelen en doelen

Aanleiding

De situatie was in 2016 als volgt: “Problemen met leesvaardigheid zijn een groot probleem in het Nederlandse onderwijs. Veertien procent is functioneel analfabeet en acht procent heeft de diagnose dyslexie, ruim twee keer zoveel als de voorgeschreven norm (in SWV HW 8,6%). Het beleid op basisscholen is afwachtend: pas als een kind een leesachterstand heeft opgelopen, wordt extra hulp geboden. Als het, ondanks deze hulp, onvoldoende vooruitgang boekt, komt het in aanmerking voor onderzoek en behandeling door een dyslexie-behandelingsinstituut.” (bron: https://swv2804.nl/2016/09/09/unieke-aanpak-hoeksche-waard-voorkomt-laaggeletterdheid-en-dyslexie/)

Visie

SWV HW koos als motto: voorkomen is beter dan genezen. “Laaggeletterden zijn extreem kwetsbaar voor onderbenutting van talent, demotivatie, schooluitval, werkloosheid, criminaliteit, psychosociale en medische problemen. De maatschappelijke impact van de preventieve aanpak is op termijn heel groot. Voor gemeenten resulteert dit bovendien in een forse besparing op de kosten van dyslexiezorg en jeugdhulp.” (bron: https://swv2804.nl/2016/09/09/unieke-aanpak-hoeksche-waard-voorkomt-laaggeletterdheid-en-dyslexie/)

Middelen

De scholen zijn vijf jaar lang ondersteund bij het opstarten, uitvoeren, faciliteren, continueren en consolideren van het project Bouw! in groep 2 t/m 4. Jaarlijks starten ongeveer 200 leerlingen met het programma (zwakste ca. 25% uit groep 2).

Doelen

Doel is het terugdringen van het aantal leerlingen dat: 

  • met leesachterstand de school verlaat (minder zwakke/zeer zwakke lezers – laagste 25/10% van de LVS-norm)
  • de diagnose dyslexie krijgt (< 3,6%).

Het proces van ontwikkeling, uitvoering en implementatie

“Op initiatief van het Samenwerkingsverband Passend Onderwijs Hoeksche Waard is samen met educatief uitgever Lexima, het dyslexie-behandelingsinstituut Leestalent en de Hoeksche Waardse gemeenten een plan van aanpak ontwikkeld om een forse vermindering te realiseren van het aantal kinderen dat met een leesachterstand de school verlaat of de diagnose dyslexie krijgt.” (bron: website van het SWV Hoeksche Waard, 2016/09/09). De SWV-directeur memoreert: “We zijn gestart met een grote voorlichting over Bouw! door een medewerkster van Lexima aan directeuren en belangstellenden. Vervolgens heeft iedere school aan de leerkrachten van groep 2, 3 en 4 gevraagd om aan een studiemiddag Bouw! mee te doen. Velen deden mee. Vervolgens is binnen de scholen gevraagd wie er interesse heeft om Bouw!-coördinator te worden. Deze leerkrachten kregen een aanvullende studiemiddag.” De start was in cursusjaar 2016/17, met een (eerste) looptijd van vijf jaar.

Projectteam

Het projectteam voert de werkzaamheden uit die nodig zijn om er voor te zorgen dat scholen Bouw! inzetten volgens plan en optimaal gebruik maken van het programma en de ondersteuning. Leden van het projectteam zijn: projectleider (Lexima), projectcoördinator (SWV), projectcoördinator Implementatie (Leestalent), vertegenwoordigers van scholen (Bouw!-coördinatoren) en onderzoekers van de Universiteit van Amsterdam (vanaf 2017/18). Overleg met de gemeente (die meefinanciert) geschiedt in de stuurgroep. De project- en stuurgroep zijn met ingang van 2021/22 geïntegreerd, zie organigram hieronder. De taakverdeling van de projectgroep ziet er als volgt uit:

  • SWV: financiering, communicatie met en facilitering van de scholen, aanbod cursus Bouw!-coördinator
  • Gemeente: medefinanciering, aanleveren relevante data, inbedding sociaal domein
  • Leestalent: inhoudelijke begeleiding van implementatie op schoolniveau door deskundige op het gebied van lees- en spellingproblemen
  • Lexima: communicatie met deelnemende scholen, activiteiten t.b.v. gezamenlijke implementatie (o.a. cursussen/trainingen), technische (ICT-) ondersteuning
  • Scholen: uitvoering van de aanpak, gecoördineerd door Bouw!-coördinatoren, die werving en inzet van tutors en participatie van leerkrachten regelen. Per school wordt in een Bouw!-werkgroep de gang van zaken besproken en eventueel aangepast. Bouw!-coördinatoren worden bovenschools ondersteund door cursussen (vanuit SWV HW), inhoudelijk en technisch door Lexima en voor de zorg op school door Leestalent. Daarnaast hebben ze collegiaal overleg (netwerkbijeenkomsten) en maken ze gebruik van de gebruikerswebsite Bouw! Plein.
  • UvA: kleinschalig praktijkonderzoek dat bijdraagt aan monitoring en concrete actiepunten. Onderzoeksvragen daarbij zijn: 1) Interventietrouw: wordt het programma uitgevoerd zoals het is bedoeld? 2) Effectiviteit: worden de gestelde doelen m.b.t. laaggeletterdheid en dyslexie bereikt? 3) Didactische resistentie: draagt het programma bij aan vroegtijdige onderkenning van hardnekkigheid (voor eventuele doorverwijzing naar buitenschoolse dyslexiezorg)?

Na afloop van dit project (2017-2020) is de participatie van de UvA vervangen door een wetenschappelijk adviseur.

Organigram (1-9-2021):

Organigram Goede Voorbeelden De Hoeksche Waard

All package deal

De SWV-directeur meldt: “SWV Hoeksche Waard informeert op zijn website de scholen, o.a. via een regelmatige berichtgeving over voortgang en maatregelen. Daarnaast worden scholen direct geïnformeerd over faciliteiten, (inwerk)cursussen, terugkomdagen, etc. De studiegids biedt ieder jaar de cursus ‘Bouw!-coördinator worden’ aan (die altijd doorgaat, ook bij weinig gegadigden). Bouw!-coördinatoren worden terzijde gestaan door de helpdesk (Lexima) en twee leesspecialisten (Leestalent). Het samenwerkingsverband bekostigt alles. Scholen krijgen zelfs een vergoeding voor toetsen op verzoek van de UvA. Dat is onderdeel van de ‘all package deal’. Dit werkt uitstekend. Scholen zijn dik tevreden; er is er tot nu toe niet een uitgestapt.” Belangrijk onderdeel van de implementatie is de wijze waarop scholen leerlingen voor Bouw! selecteren als onderdeel van hun totale aanpak. Daarover is, in het kader van het Stimuleringsprogramma, een video gemaakt.

Het resultaat: Wat heeft het goede voorbeeld opgeleverd?

Het is nog te vroeg om een uitspraak te doen over het behalen van de lange termijn doelen (minder laaggeletterde schoolverlaters, minder diagnoses dyslexie). Er zijn wel tussentijdse resultaten bekend van het praktijkonderzoek van de UvA (Zijlstra & Van der Leij, 2021a,b):

  1. Interventietrouw: wanneer het programma preventief of supplementair gebruikt wordt (start halverwege groep 2 of begin groep 3), vormen minimaal 24 lessen per maand de beste oefenfrequentie om het in twee jaar af te ronden. Gemiddeld zijn dat > 6 lessen per week. Die kunnen aangeboden worden in 2-3 sessies per week van ongeveer 14-15 minuten. De scholen die dit realiseren, zijn de effectiefste.
  2. Effectiviteit: Bouw!-leerlingen vertonen gedurende groep 3 een verbeterde vaardigheid en progressie in woord- en tekstlezen (afname aantal zwakke/zeer zwakke lezers – laagste 25/10%).
  3. Didactische resistentie: het aantal leerlingen dat drie maal bij de laagste 10% (3xE) scoort op opeenvolgende woordleestoetsen, is laag (3,3% van wie 2,7% met Bouw! werkt). De meeste van deze Bouw!-leerlingen voldoen in groep 3 al geheel of grotendeels aan de 20-24 uur die als tijdsstandaard geldt voor intensieve begeleiding voor onderkenning hardnekkigheid (zie: NKD, 2019. Leidraad vergoedingsregeling dyslexie). Daarmee wordt vroegtijdige verwijzing in groep 3 in principe mogelijk, maar dan moet het achterstandscriterium van 3xE mede bepaald worden op basis van tussentijdse toetsen en/of de logboekgegevens van de deeltoetsen Bouw!. Een minderheid (30%) heeft nog onvoldoende geoefend om op basis van Bouw!-gegevens aan de standaard te voldoen. 

Algemeen: de leesprestaties stegen bij alle leerlingen (gedurende groep 3). In hoeverre Bouw! dat positieve effect op het reguliere leesonderwijs teweegbrengt, is niet te bepalen in praktijkonderzoek. Beleidsmatig is er echter reden voor optimisme over het behalen van de doelen: het leesniveau stijgt, het aantal leerlingen dat dreigt laaggeletterd te worden daalt en het aantal leerlingen dat in aanmerking komt voor verwijzing naar de dyslexiezorg ook. Zo nam het aantal zeer zwakke lezers (E-score) tussen midden en eind groep 3 af van 11,6% naar 5,8%, dus onder de landelijke norm van 10%. De D+E categorie samen nam af van 25,8% tot 16,0%, substantieel onder de landelijk norm van 25%. 64% van de leerlingen presteerde bovengemiddeld (A+B), 42,5% behoorde tot de 25% beste lezers van Nederland (A) (Zijlstra & Van der Leij, 2021).

Na- en bijscholing verloopt, volgens de SWV-directeur, naar ieders wens. Voor de praktijk is gebruikersplatform Bouw! Plein ontwikkeld door Lexima (in het kader van het grootschalig NRO-project dat de UvA uitvoert, 2019-2023). Gedetailleerdere gegevens over implementatie en effectiviteit volgen bij de afronding daarvan.

Proces van borging en verankering

Na de projectperiode van vijf jaar is Bouw! met ingang van 2021/22 onderdeel van Basisondersteuning Passend Onderwijs, dus geen (eindig) project meer, maar duurzaam SWV-preventiebeleid. Stuur- en projectgroep zijn geïntegreerd (zie organigram), vertrekkende leden zijn vervangen. UvA-participatie valt weg, maar de wetenschappelijke adviseur blijft.

SWV-faciliteiten en het inwerken van ‘nieuwe’ Bouw!-coördinatoren continueren borging op schoolniveau. Via de SWV-nieuwsbrief blijven scholen geïnformeerd. In het (digitale) Beleidsplan Bouw! Hoeksche Waard geven schooldirecteuren in overleg met Bouw!-coördinatoren/IB’ers/leerkrachten en Leestalent aan hoe zij implementatie/borging plannen in het komende cursusjaar, als onderdeel van hun Schoolondersteuningsplan. Zij sluiten aan bij het duurzame preventiebeleid vastgelegd in het SWV-Ondersteuningsjaarplan. Van de nieuwe SWV-directeur (medio 2021) wordt verwacht dat die beleidslijn wordt voortgezet. Participatie van Lexima wordt verruimd met een contract voor compenserende software (oudere leerlingen). Ondersteuning van Leestalent richt zich, naast Bouw!, op de inzet van de software en het optimaliseren van een integraal onderwijsaanbod voor leerlingen met een leesachterstand.

SWV droeg ca. 70% van de projectkosten (in 2016/17-2020/21 €790.825; 35 deelnemende scholen). De gemeente(n) kende(n) €208.500 daarvan toe, jaarlijks €40.700. De bijdragen zijn met ingang van september 2021 twee jaar verlengd. De (gedeeltelijke) verlenging door de gemeente is eenmalig, gericht op borging van de ingezette aanpak. Projectkosten dekken schoolondersteuning (Leestalent), implementatieondersteuning, trainingen, technische ondersteuning en licentiekosten (Lexima). Daarnaast krijgen de scholen van het SWV een bedrag per leerling voor passend onderwijs (€400/jaar). UvA-praktijkonderzoek (3;3 jaar: 2017-2020; €90.000) werd bekostigd door SWV, Lexima, UvA en gemeente(n). Het UvA-NRO project valt buiten dit bestek.

Overdraagbaarheid naar een andere praktijk, situatie of context

Waarom zouden anderen dit goede voorbeelden moeten volgen?

Er zijn drie redenen om dit voorbeeld te volgen:

  1. Deze aanpak voorkomt leesachterstand en bestrijdt leesproblemen. Er zijn minder leerlingen met (potentiële) laaggeletterdheid, vermoeden van dyslexie en laag zelfvertrouwen. Dit gaat gepaard met een algemene verhoging van het leesniveau.
  2. Bovenschools partnerschap tussen SWV, gemeenten, ondersteunende instanties en scholen bevordert de kwaliteitsverbetering van de school.
  3. De aanpak voegt preventie toe aan de integrale aanpak van leesproblemen op school, zonder de groepsleerkracht al te zeer te belasten. Bovendien is het -relatief- kosteneffectief, o.a. door de inzet van een online programma met non-professionele tutors, vermindering van aantallen zittenblijvers en doorverwijzingen.

Hoe kan het goede voorbeeld een verandering in handelen en denken van anderen teweegbrengen?

Verandering wordt teweeggebracht vanwege de overtuigende ondersteuning van vier uitgangspunten.

  1. Voorkomen is beter dan genezen. Preventief werken is effectiever dan curatief werken. Dus: begin niet met individuele hulp als leerlingen te veel zijn achtergebleven in groep 3. Achterstand en (dus) ongelijke kansen zijn er al in groep 2. Een start in groep 2 of begin groep 3, gecontinueerd in groep 4, vergroot de mogelijkheid dat risicoleerlingen zich ontwikkelen tot functioneel geletterden.
  2. Alle leerlingen die kans lopen op leesachterstand en -problemen verdienen een vroegtijdige, individuele aanpak, waar het risico ook vandaan komt (taalachterstand, laaggeletterd milieu, dyslexie in de familie, etc.). De kern is gelijk: vroeg beginnen, veel oefenen, directe instructie, directe feedback in een aantrekkelijke, motiverende, online leeromgeving.
  3. Bovenschools samenwerken voorziet in een efficiënte en profijtelijke werkwijze t.a.v. risicoleerlingen, door de inzet van collectieve middelen, bovenschools regelen van na- en bijscholing, ondersteuning van experts en het delen van kennis en ervaringen in collegiaal netwerkverband. De enorme persoonlijke en maatschappelijke belemmeringen van functionele ongeletterdheid maken het verantwoord dat SWV’en Passend Onderwijs middelen inzetten als Basisondersteuning, en aansturen op een effectieve preventie, met binnen elk schoolteam een Bouw!-coördinator als aanspreekpunt en organisator. Gemeenten kunnen bijdragen, gemotiveerd door de kostenbesparing op het jeugdzorgbudget.
  4. Het online, theoretisch en didactisch onderbouwde programma (Bouw!) verruimt de mogelijkheden van de school voor intensieve ondersteuning. Het is minder afhankelijk van tijd, plaats en inzet van professionals en bevordert ouderparticipatie. Groepsleerkrachten kunnen het intensieve oefenen uitbesteden, maar blijven betrokken bij de leesontwikkeling, o.a, door het afnemen van de deeltoetsen van Bouw! en overleg met de Bouw!-coördinator. Daarnaast is er continue monitoring via Lexipoort en ervaringsuitwisseling via Bouw!-Plein en SWV-bijeenkomsten.

Verwijzingen en materialen

Artikelen voor de praktijk:

  • Beker, L. (2017). Leesproblemen nu preventief aanpakken. Lexima Magazine, 1(1), 8–10.
  • Van der Leij, A. (2021). Wat zegt onderzoek over gebruik en effectiviteit van Bouw!? Lexima Magazine, jg. 2021, 22-25. 
  • Van der Leij, A., Korf, M., & Zijlstra, H. (2016). Het voorkomen van laaggeletterdheid en dyslexie met behulp van Bouw! Tijdschrift voor logopedie, 88(10), 6–12.
  • Van der Leij, A., & Zijlstra, H. (2017). Voorkom laaggeletterdheid en reduceer dyslexie. Basisschoolmanagement, 31(8), 12–15.
  • Westerloo, A. (2015). Over het programma Bouw!: Het doet zoveel met hun zelfvertrouwen. Balans, 28(2), 36–39.
  • Westerloo, A. (2016). Dyslexie terugdringen door lezen, lezen, lezen. Balans, 29(4), 26–29.
  • Zijlstra, H., & van der Leij, A. (2021a). Praktijkonderzoek Bouw! SWV Passend Primair Onderwijs 28.04 Hoeksche Waard. Rapportage 3e jaar (groep 3 2018/2019). UvA, Intern rapport, 25-2-2021. Zie ook: Zijlstra, H., & van der Leij, A. (2021b). Samenvatting. Intern rapport, 18-3-2021 (op te vragen bij de co-auteur: d.a.v.vanderleij@uva.nl).