Werken met de protocollen

De protocollen leesproblemen en dyslexie voor het basis- en voortgezet onderwijs zijn er op gericht om leerkrachten te ondersteunen in het stimuleren van de taal- en leesontwikkeling, vroegtijdig problemen te signaleren en leerlingen met leesproblemen en dyslexie te ondersteunen gedurende hun schoolloopbaan. Er wordt kort ingegaan op de brede taalontwikkeling, maar deze wordt niet uitgebreid beschreven. De protocollen gaan vooral in op de onderwijspraktijk. Per onderwijsfase worden handvatten gegeven om beredeneerd aandacht te geven aan de taalontwikkeling van leerlingen. Bij sommige kinderen zal de leerkracht ervaren dat zij minder gemakkelijk nieuwe kennis en vaardigheden oppikken. Zij hebben baat bij extra stimulering met meer expliciete aandacht voor bepaalde aspecten van taal om het ontstaan, bestendigen of zelfs vergroten van achterstanden zo veel mogelijk te voorkomen. Het is van belang hier al op jonge leeftijd oog voor te hebben en ondersteuning te bieden, omdat opgelopen achterstanden slechts met moeite worden ingehaald. In het toepassen van de protocollen speelt de leerkracht een cruciale rol. 

Bij elk hoofdstuk in de protocollen worden actiepunten op een rij gezet. De leerkracht kan zo in een oogopslag zien wat de meest belangrijke actiepunten uit het hoofdstuk zijn en voor hemzelf nagaan wat hij al doet en wat voor hem nog aandacht behoeft.

In de protocollen wordt onder andere aandacht besteed aan: 

  • Achtergrondinformatie over taalontwikkeling
  • Tussendoelen per taaldomein
  • (Observatie) voorbeeldvragen per taaldomein
  • Overzicht taaltoetsen
  • Overzicht risicofactoren
  • Voorbeelden stimuleren interactievaardigheden
  • Voorbeelden werkvormen
  • Bijlagen: o.a. signaleringslijst, kleutertaken taal, leerlingrapport