Werken met de protocollen

De protocollen leesproblemen en dyslexie voor het basis- en voortgezet onderwijs zijn er op gericht om leerkrachten te ondersteunen in het stimuleren van de taal- en leesontwikkeling, vroegtijdig problemen te signaleren en leerlingen met leesproblemen en dyslexie te ondersteunen gedurende hun schoolloopbaan.

De protocollen zijn ontwikkeld in het kader van het Masterplan Dyslexie, in opdracht van het Ministerie van OCW. Ze zijn niet verplichtend van aard, maar bedoeld als nuttige handreiking voor scholen om hun lees- en spellingonderwijs en de zorg voor leerlingen met leesproblemen of dyslexie te verbeteren. Veranderingen zijn niet alleen de verantwoordelijkheid van de leerkracht of docent, maar van alle lagen binnen en buiten de school.

Er wordt kort ingegaan op de brede taalontwikkeling, maar de protocollen gaan vooral in op de onderwijspraktijk. Per onderwijsfase worden handvatten gegeven om beredeneerd aandacht te geven aan de taalontwikkeling van leerlingen. Bij sommige kinderen zal de leerkracht ervaren dat zij minder gemakkelijk nieuwe kennis en vaardigheden oppikken. Zij hebben baat bij extra stimulering met meer expliciete aandacht voor bepaalde aspecten van taal om het ontstaan, bestendigen of zelfs vergroten van achterstanden zo veel mogelijk te voorkomen. Het is van belang hier al op jonge leeftijd oog voor te hebben en ondersteuning te bieden, omdat opgelopen achterstanden slechts met moeite worden ingehaald. In het toepassen van de protocollen speelt de leerkracht een cruciale rol. De protocollen gaan ook in op hoe je als school de aanpak en het beleid voor de aanpak van leesproblemen en dyslexie vorm kan geven. Waar moet je aan denken, wat zijn beschikbare hulpmiddelen en wat kan er van de school, leerkrachten en overige onderwijs-zorg professionals worden verwacht.

De pagina’s hieronder gaan verder in op het gebruik van de protocollen in het basisonderwijs en voortgezet onderwijs.