FAQ | Signalering en preventie

 

1. Hoe herken ik dyslexie? - Basisonderwijs

Alleen via een psychodiagnostisch onderzoek kan worden vastgesteld of er sprake is van dyslexie. Toch zijn er op de basisschool talloze signalen die wijzen op een mogelijke dyslexie.

  • De kleuter heeft moeite met het onthouden van de namen van kleuren, de dagen van de week of cijfers.
  • Het kind heeft moeite om letters te herkennen.
  • Het kind kan aan het begin van groep 3 nog geen korte woordjes lezen.
  • Het kind blijft langer dan andere kinderen de woordjes spellen.
  • Het kind maakt bij het lezen veel raadfouten.
  • Het kind heeft een hekel aan hardop lezen.
  • Er zijn tekenen van moedeloosheid of faalangst.
  • Het kind zoekt uitvluchten om niet naar school te hoeven gaan.
  • Het kind heeft vaak lichamelijke problemen.
  • Het kind vertoont gedragsproblemen.

Signaleren op de (speciale) basisschool gebeurt aan de hand van de Protocollen Leesproblemen en Dyslexie.

Naar boven

 

2. Is Bouw! een effectief programma om leerlingen met leesproblemen op zorgniveau 3 te ondersteunen?

Bouw! is een computergestuurd interventieprogramma dat is ontwikkeld door de Universiteit van Amsterdam en onderzocht i.s.m. Expertisecentrum Het ABC. Het wordt uitgegeven door Lexima. Het programma is ontwikkeld om leerlingen die een risico lopen op problemen met lezen en spellen preventief en vervolgens remediërend hulp te bieden in groep 2 tot en met 4. Bouw! is een totaal leesprogramma. Letters in woorden en woorden met een oplopende moeilijkheidsgraad worden aangeboden, zowel visueel als auditief. Het programma is adaptief, de lesinhoud wordt afgestemd op het niveau van de leerling. De leerling werkt individueel met Bouw! Daarbij wordt de leerling ondersteund door een tutor (onderwijsassistent, ouder, oudere leerling). De tutor hoeft zelf geen professionele achtergrond te hebben: de inhoudelijke kennis die nodig is om te leren lezen is in het programma opgenomen.
Het programma is wetenschappelijk onderzocht. Hiervoor zijn twee studies uitgevoerd: één studie waarbij er begin groep 3 is gestart met het werken met Bouw! en één studie waarbij halverwege groep 2 met Bouw! is begonnen. Deze onderzoeken maken duidelijk dat Bouw! een effectieve aanpak is voor kinderen die moeite hebben met lezen. Het volledig doorwerken van het programma Bouw! is voor de effectiviteit echter wel essentieel! Het gaat om een periode van anderhalf tot twee jaar waarbij de kinderen gemiddeld twee tot drie keer per week, 10 tot 15 minuten per keer, thuis of op school oefenen. Het programma heeft zowel effect bij kinderen die zwak zijn op letter- en klanktaken en kinderen die een dubbel risico lopen (zwak op letter- en klanktaken én sprake van dyslexie in de familie). Vergeleken met de controlegroep neemt het aantal leerlingen bij de laagste 25% af met 65% in beide groepen. Diezelfde reductie geldt voor het aantal leerlingen dat verlengde instructie in de klas (zorgniveau 2) of remedial teaching buiten de klas (zorgniveau 3) ontvangt. Het aantal leerlingen dat, op basis van het PDD&B 2.0 (2013), de diagnose ´ernstige dyslexie´ en buitenschoolse behandeling krijgt is met Bouw! drie keer zo laag als in de controlegroepen. Zowel laaggeletterdheid als ernstige dyslexie wordt dus in een flink aantal gevallen voorkomen. Een vergelijking tussen de twee onderzoeken laat zien dat het nog effectiever is om halverwege groep 2 te starten, dan pas in groep 3 te beginnen.

Bouw! is een gestandaardiseerd programma dat vroegtijdig en langdurig kan worden ingezet op zorgniveau 3. Er worden (deel)toetsen afgenomen waarmee nagegaan kan worden wat een leerling beheerst. We adviseren om deze tussentoetsen onder supervisie van de leerkracht of de intern begeleider te laten afnemen: zij blijven immers verantwoordelijk voor de beginnende leesontwikkeling van de leerlingen in de klas. Als een leerling ondanks intensief werken met Bouw! geen of nauwelijks vooruitgang laat zien bij tussentijdse observaties en hoofdmetingen, is het op basis van de digitaal opgeslagen gegevens aantoonbaar dat de school heeft voldaan aan zijn zorgplicht op zorgniveau 3 en kan de leerling worden aangemeld voor de vergoedingsregeling dyslexie.

Lees meer

Naar boven

 

3. Hoe herken ik dyslexie? – Voortgezet onderwijs

Alleen via een psychodiagnostisch onderzoek kan worden vastgesteld of een leerling dyslectisch is. Toch zijn er talloze signalen die wijzen op een mogelijke dyslexie.

  • De leerling heeft problemen met het leren van woordjes.
  • De leerling heeft problemen met de uitspraak van de moderne vreemde talen.
  • De leerling heeft onvoldoendes voor de talen.
  • De leerling is erg lang bezig met het maken van huiswerk.

Met het Signaleringsinstrument Dyslexie VO kun je aan het begin van de brugklas achterhalen welke leerlingen leesproblemen hebben en mogelijk dyslexie hebben. Het instrument bevat een zinnendictee en een stilleestoets die klassikaal kunnen worden afgenomen.

Lees meer

Naar boven

 

4. Is een VO-school verplicht om bij brugklassers een dyslexiescreening uit te voeren?

Een school is niet verplicht een dyslexiescreening af te nemen. Er zijn verschillende manieren om het signaleren in het VO vorm te geven.

Lees meer

Naar boven